Overslaan en naar de inhoud gaan

Auteur: Marjan Scholtens

Aansluitstop voor stroom: dit zijn de beperkingen in Regio Amersfoort 

In het grootste deel van de provincie Utrecht zijn nieuwe elektriciteitsaansluitingen vanaf 1 juli tijdelijk niet meer mogelijk. In het overgrote deel van onze regio geldt de tijdelijke aansluitstop nog niet. Maar er is zo weinig ruimte op het stroomnet dat ook hier een aansluitstop een reëel scenario blijft. 

File op het stroomnet 

Netbeheerder TenneT kondigde de pauzemaatregel in Utrecht aan om overbelasting van het stroomnet en storingen te voorkomen. Het stroomnet in Utrecht, Gelderland en Flevoland zit overvol. Provincies, het Rijk, gemeenten en netbeheerders hebben alles in het werk gesteld om een volledige aansluitstop te voorkomen. Hierdoor is in regio Amersfoort voorlopig geen aansluitstop noodzakelijk. Wel geldt in ons gebied al langer een aansluitstop voor grote bedrijven die zich daardoor niet kunnen vestigen of uitbreiden.  

Bij de afbeelding: de aangekondigde aansluitstop geldt in congestiegebied 1A 

Wachtlijsten in Regio Amersfoort 

Vanaf 1 juli 2026 komen in onze regio alle aanvragen voor extra stroom of een nieuwe stroomaansluiting op een wachtlijst. Dat komt door nieuwe regels van de Autoriteit Consument en Markt (ACM): het maatschappelijk prioriteringskader. Dit geldt ook voor huishoudens en kleine bedrijven in onze regio. Grote bedrijven vallen al onder deze regels.  

Aanvragen in categorieën met een groter maatschappelijk belang, krijgen voorrang. Bijvoorbeeld ziekenhuizen, brandweerkazernes en woningbouw. Aanvragen met lagere prioriteit komen op de wachtlijst. Dit zijn bijvoorbeeld laadpalen, bedrijven en sportverenigingen. Bekijk meer informatie over de wachtlijsten op de website van netbeheerder Stedin. 

Oplossingen 

Netbeheerders, het Rijk, ACM, gemeenten en de provincies werken samen aan oplossingen. Dit doen zij enerzijds door uitbreiding van het stroomnet en het beperken van de piekbelasting met tijdelijke gasturbines en batterijen. Daarnaast worden bedrijven en huishoudens gestimuleerd om het stroomnet slimmer te gebruiken. Bijvoorbeeld door vooral stroom te gebruiken buiten de stroompiek tussen 16.00 en 21.00 uur. 

Peilmoment 

De pauzemaatregel die TenneT vanaf 1 juli invoert duurt tot er weer voldoende capaciteit op het stroomnet is gecreëerd. Het Rijk en de partners gaan elk halfjaar beoordelen wat de situatie is en of er ruimte is voor nieuwe aansluitingen. Het eerste peilmoment na 1 juli is in oktober.  

Kansen voor aardwarmte in regio Amersfoort in beeld gebracht

In de regio Amersfoort liggen kansen voor het gebruik van aardwarmte (geothermie) voor het verwarmen van huizen en gebouwen en het ontwikkelen van een aardwarmteproject hiervoor. Dat blijkt uit nieuw onderzoek dat in opdracht van de regio is uitgevoerd. De resultaten geven gemeenten meer inzicht in waar aardwarmte mogelijk een rol kan spelen in de toekomstige warmtevoorziening.

Waar zit de potentie?

Met behulp van nieuwe boringen (onder meer in Ede, Amstelland en De Bilt) en herbewerkte seismische data is onderzocht hoeveel warmte er uit de ondergrond onttrokken kan worden en waar die goed aansluit op de warmtevraag per gebied. Het onderzoek is uitgevoerd door IF Technology.

Het onderzoek laat zien dat aardwarmte vooral kansrijk is in een strook van Baarn via Soest en de zuidkant van Amersfoort en Leusden richting Woudenberg. In deze gebieden ligt de thermische potentie tussen de 5 en 10 MWth, met temperaturen van ongeveer 40 tot 70 graden. Door recente onderzoeksboringen is dit beeld steeds betrouwbaarder geworden. Op de kaart geldt: hoe donkerder rood, hoe groter de potentie.

Meer dan alleen de ondergrond

Of aardwarmte daadwerkelijk haalbaar is, hangt niet alleen af van de ondergrond. Er moet ook voldoende warmtevraag zijn in de omgeving en de bodem moet geschikt zijn om veilig te kunnen boren. Daarom is ook gekeken naar zogenoemde warmteclusters: gebieden waar de warmtevraag groot en geconcentreerd genoeg is voor een collectief warmtenet. Het gaat om gebieden met een warmtedichtheid van meer dan 600 GJ per hectare per jaar en een totale warmtevraag van meer dan 60.000 GJ per jaar. Alleen waar deze factoren samenkomen, ontstaan realistische kansen.

Waar liggen de grootste kansen?

Het onderzoek laat zien dat er in de regio mogelijk ruimte is voor een aantal geothermie-installaties (doubletten). Zo’n installatie bestaat uit twee boringen: één om warm water op te pompen en één om het afgekoelde water terug te brengen in de ondergrond. De kansen verschillen per gemeente:

  • Amersfoort
    In het zuidwesten van Amersfoort liggen de grootste kansen. De ondergrond heeft een goede potentie vermogens van 5 tot 15 MWth en er is voldoende warmtevraag en -dichtheid. Bovendien is in Amersfoort al een warmtenet aanwezig, wat de ontwikkeling vergemakkelijkt.
  • Soest
    In en rond Soest is de potentie gunstig, met vermogens tussen 2 en 15 MWth. De temperaturen liggen rond de 65–70 °C. Dit maakt de inpassing van één of meerdere geothermie-installaties kansrijk.
  • Baarn
    Ten zuidwesten van Baarn ligt de potentie tussen de 5 en 7,5 MWth, met temperaturen rond de 65–70 °C. Wel zitten er veel breuken in de ondergrond. Daarmee is onzeker of een geothermie-installatie ingepast kan worden.
  • Leusden
    In het zuiden van Leusden ligt de potentie tussen de 5 en 15 MWth met relatief lagere temperaturen van ongeveer 50 graden. Wel zijn er breuken in de ondergrond, wat vraagt om aanvullend onderzoek naar een veilige en haalbare inpassing van een geothermie-installatie.
  • Bunschoten
    In dit gebied zijn de mogelijkheden momenteel beperkt. Door lage temperaturen zijn de potenties lager, daardoor door de afstand en de lagere warmtevraagdichtheid is het realiseren van een systeem financieel uitdagend. In de formatie van Slochteren is een doublet lastig te realiseren breuken in de ondergrond.
  • Woudenberg
    In dit gebied zijn de mogelijkheden momenteel beperkt. Door breuken in de ondergrond lijkt een geothermie-installatie lastig inpasbaar. Bovendien is de warmtevraag in Woudenberg relatief beperkt.

Ondergrond complex, vervolgonderzoek nodig

Ook op provinciaal niveau is onderzoek gedaan naar de potentie van geothermie. Beide studies laten zien dat de ondergrond complex is en dat er nog onzekerheden zijn. Daardoor kunnen uitkomsten op lokaal niveau verschillen, terwijl het regionale beeld vergelijkbaar blijft.

Eén van de vervolgstappen is het verkrijgen van aanvullende seismiek om de ondergrond beter in beeld te brengen. Binnen het landelijke SCAN-programma wordt hier verder onderzoek naar gedaan vanaf dit najaar, onder andere in onze regio. SCAN heeft ervoor gekozen om geen aanvullende seismiek in Baarn te verkrijgen. Dit omdat ze inschatten dat de potentie voor geothermie rondom Baarn laag is door 1) een complexe ondergrond (mede gebaseerd op een SCAN-lijn uit 2020 die loopt tussen Hilversum en Baarn), 2) het nu nog niet aanwezig zijn van voldoende gecentreerde warmtevraag middels een warmtenet, en 3) een verwachte lage doorlatendheid van de ondergrond.

Nog geen besluiten

Hoewel de eerste resultaten perspectief bieden, is nog niet zeker of aardwarmte daadwerkelijk gerealiseerd kan worden. De huidige inzichten zijn gebaseerd op computermodellen en bestaande onderzoeksdata. De resultaten helpen gemeenten bij het maken van keuzes in hun warmteprogramma’s, maar er zijn nog geen besluiten genomen over concrete locaties of projecten.

Vervolgstappen

Voor meer zekerheid is aanvullend onderzoek nodig, bijvoorbeeld naar breuken in de ondergrond, geschikte wijken, de warmtevraag, mogelijke locaties en de kosten en effecten voor de omgeving. Partijen die met aardwarmte aan de slag willen, zullen vervolgonderzoek moeten uitvoeren naar de haalbaarheid, de aansluiting op het elektriciteitsnet en de benodigde vergunningen moeten aanvragen.

Regio Amersfoort reageert op provinciale plannen voor ruimte en landelijk gebied 

Regio Amersfoort heeft vandaag twee zienswijzen ingediend bij de provincie Utrecht: één op de ontwerp Provinciale Omgevingsvisie (POVI) en één op het ontwerp Utrechts Programma Landelijk Gebied (UPLG). Beide voorstellen gaan over de inrichting van de provincie in de komende decennia en raken direct aan grote regionale opgaven, zoals woningbouw, bereikbaarheid, energie en de toekomst van het landelijk gebied. 

In de zienswijzen spreken we onze waardering uit voor de provinciale ambities, maar vragen we nadrukkelijk aandacht voor samenhang, uitvoerbaarheid en realistische keuzes. 

Ontwerp Provinciale Omgevingsvisie (POVI) 

De ontwerp-POVI beschrijft de langetermijnvisie van de provincie Utrecht op de fysieke leefomgeving richting 2050. Het is een integrale benadering van wonen, werken, mobiliteit, energie, natuur en gezondheid. De provinciale omgevingsvisie biedt kaders voor latere programma’s en besluiten. 

Wat geeft Regio Amersfoort mee? 

Regio Amersfoort herkent zich in de integrale koers van de provincie en in de aandacht voor brede welvaart en gezondheid. Tegelijkertijd vragen we om meer duidelijkheid en proportionaliteit in de uitwerking. Het stapelen van eisen op het gebied van duurzaamheid, klimaatadaptatie en netbewust bouwen kan, zonder fasering en maatwerk, leiden tot vertraging en onbetaalbaarheid van woningbouw en maatschappelijke voorzieningen. 

De regio vraagt ook om expliciete keuzes en prioritering in bereikbaarheid en infrastructuur. Denk aan de aanpak van Knooppunt Hoevelaken en de positie van Amersfoort als regionaal knooppunt. De regio pleit voor transparante monitoring en ruimte om bij te sturen als omstandigheden veranderen.  

Download de zienswijze op de ontwerp-POVI 

Ontwerp Utrechts Programma Landelijk Gebied (UPLG) 

Het ontwerp-UPLG is een uitwerking van de provinciale doelen voor het landelijk gebied. Het programma richt zich op water en bodem, natuur, klimaat en landbouw. Het moet bijdragen aan wettelijke doelen en perspectief bieden aan ondernemers in het buitengebied. 

Wat geeft Regio Amersfoort mee? 

Regio Amersfoort onderschrijft het belang van een toekomstbestendig landelijk gebied, maar uit zorgen over de haalbaarheid en uitvoerbaarheid van het programma. De ambities zijn groot, terwijl financiële middelen, instrumenten en landelijke kaders nog onzeker zijn. Dit zet de gebiedsgerichte aanpak en het draagvlak onder druk. 

De regio vraagt om meer aandacht voor de samenhang tussen landelijke en stedelijke opgaven. Bijvoorbeeld bij stikstofruimte, energie-initiatieven en infrastructuur. Ook pleiten gemeenten in de regio voor langjarig perspectief voor agrariërs, heldere keuzes in de verdeling van stikstofruimte en aandacht voor de sociaaleconomische impact van maatregelen.  

Download de zienswijze op het ontwerp-UPLG 

Samenhang en vervolg 

Hoewel de zienswijzen betrekking hebben op twee verschillende voorstellen, zijn de opgaven in stad en land sterk met elkaar verbonden. Juist daarom is het belangrijk dat visie en uitvoering goed op elkaar aansluiten. 

Regio Amersfoort gaat graag met de provincie Utrecht in gesprek over de verwerking van de zienswijzen en de vervolgstappen. Doel is te komen tot beleid dat richting geeft, uitvoerbaar is en ruimte laat voor samenwerking en maatwerk in de regio. 

Ambtelijk Overleg Ruimte (AOR)

Hieronder vindt u recente vergaderstukken van het Ambtelijk Overleg Ruimte. Hebt u vragen, stel ze gerust aan Bureau Regio Amersfoort.

2026

2025

Ambtelijk Overleg Landelijk Gebied (AOLG)

Hieronder vindt u recente vergaderstukken van het Ambtelijk Overleg Landelijk Gebied. Hebt u vragen, stel ze gerust aan Bureau Regio Amersfoort.

2026

2025

Ambtelijk Overleg Warmte (AO Warmte)

Hieronder vindt u recente vergaderstukken van het Ambtelijk Overleg Warmte. Hebt u vragen, stel ze gerust aan Bureau Regio Amersfoort.

2026

Ambtelijk Overleg Economische Zaken (AOEZ)

Hieronder vindt u recente vergaderstukken van het Ambtelijk Overleg Economische Zaken. Hebt u vragen, stel ze gerust aan Bureau Regio Amersfoort.

2026

Ambtelijk Overleg Wonen (AOW)

Hieronder vindt u recente vergaderstukken van het Ambtelijk Overleg Wonen. Hebt u vragen, stel ze gerust aan Bureau Regio Amersfoort.

2026

Ambtelijk Overleg Bereikbaarheid (AOB)

Hieronder vindt u recente vergaderstukken van het Ambtelijk Overleg Bereikbaarheid. Hebt u vragen, stel ze gerust aan Bureau Regio Amersfoort.

2026

Rijk investeert mee in onze infrastructuur, ruimte en transport

Met het Rijk maken we afspraken over investeringen en projecten op het gebied van infrastructuur, ruimte en transport. In dit overzicht zie je in één oogopslag waar we op inzetten en hoe we dit financieren. De Rijksbijdrage is te danken aan de goede samenwerking binnen Regio Amersfoort én binnen Metropoolregio Utrecht.

Woningbouw en mobiliteit

Een aantal van de afspraken geeft een impuls aan de woningbouw in de regio. Het wordt mogelijk om extra woningen te bouwen, maar ook om de bereikbaarheid van woningbouwlocaties te verbeteren. Het rijden van extra treinen kan bijvoorbeeld een belangrijke voorwaarde zijn om meer woningen te kunnen bouwen in stationsgebieden.

Kleine maatregelen infrastructuur (kleine infra)

Vorig jaar reserveerde het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat geld voor kleine maatregelen om de doorstroming van het autoverkeer op het nationale netwerk te verbeteren. Tijdens het BO MIRT zijn afspraken gemaakt over twee projecten in onze regio. Zo ontvangt de gemeente Eemnes een bijdrage voor het tekort op de gerealiseerde aansluiting op de A27.

Goedopweg

Sinds januari 2025 is Regio Amersfoort aangesloten bij Goedopweg. Binnen deze samenwerkingen wordt samengewerkt met andere overheden, werkgevers en vervoerders aan een goed bereikbare regio. Met het Rijk is afgesproken dat zij hier in 2027 en 2028 opnieuw aan meebetalen.

Mobiliteitsagenda Regio Amersfoort

De mobiliteitsagenda werd vorig jaar vastgesteld door Rijk en regio. Hierin staan 25 maatregelen voor de bereikbaarheid in de regio tot 2040. Er werd afgesproken dat Rijk en regio ieder 50 miljoen euro beschikbaar stellen voor het eerste deel van de maatregelen. Er zijn nu concrete afspraken gemaakt over hoe dit geld wordt verdeeld. Met deze afspraken wordt gewerkt aan nieuwe doorfietsroutes, aanpak van sluipverkeer en een verkenning naar een snelle busverbinding tussen Amersfoort en Utrecht Science Park. Daarnaast gaat een deel van het geld naar aanpassingen van aansluitingen op de snelweg rondom woningbouwprojecten.

Knooppunt Hoevelaken

In de afgelopen twee jaar heeft de Tweede Kamer twee keer uitgesproken dat Knooppunt Hoevelaken topprioriteit is. Aan de andere kant blijven er grote opgaven, met name op het gebied van stikstof, voordat er gestart kan worden. Op het moment dat er voldoende perspectief is op een ‘vergunbare’ situatie over stikstof, wordt dit zo snel mogelijk weer opgepakt.

Tot slot

Er komt een verdiepend onderzoek naar de versterking van de stations Amersfoort Centraal en Amersfoort Schothorst. Dit is van belang voor de bereikbaarheid van de hele regio. Amersfoort Centraal is bijvoorbeeld ook het intercitystation van Bunschoten en Leusden.

Daarnaast wordt er gestart met een MIRT-verkenning naar verbetering van de doorstroming op de A27 tussen Almere en Eemnes. Doordat er opnieuw geld wordt vrijgemaakt, is het mogelijk om verder te onderzoeken hoe de doorstroming verbeterd kan worden.